Reptielsoorten
Hagedissen

Hagedissen behoren waarschijnlijk tot de meest talrijke, succesvolle en gevarieerde reptielen van deze tijd. Ze worden gerekend tot de orde der Squamata, waartoe ook de slangen en wormhagedissen (genus Amphisbaena) behoren. Over de hele wereld zijn meer dan 4000 soorten in zo'n 26 families die leven in alle mogelijke habitats, behalve in de poolstreken. Ze variëren in lengte van 2 cm voor de dwerggekko tot meer dan 3 meter voor de komodovaraan. Maar er zijn meer verschillen. Ze leven overal, van bossen tot woestijnen, eten alles, van insecten tot geiten en in sommige gevallen kunnen ze zelfs van kleur verschieten om zich aan hun omgeving aan te passen. Sommigen gebruiken zelfs speciale huidplooien als parachute om tussen de boomtoppen door te zweven.

Hagedissen verschillen van slangen door hun poten. Daarnaast hebben ze ook ooropeningen, beweegbare oogleden en veel minder flexibele kaken. De meeste hagedissen hebben vier poten met vijf tenen aan elke voet, hoewel er ook pootloze soorten zonder uitwendige ledematen zijn. Hagedissen staan bekend om hun snelheid, alertheid en het vermogen om over obstakels te klimmen of te rennen. Hierdoor ontsnappen ze aan veel roofdieren. Veel soorten kunnen zelfs hun staart afwerpen als ze worden bedreigd of vastgegrepen. Hoewel ze over het algemeen ongevaarlijk voor de mens zijn, zullen de meeste soorten bijten als ze worden gevangen, en dat kan behoorlijk pijnlijk zijn. Twee soorten, de korsthagedis en het gilamonster, hebben een gif dat op slangengif lijkt. Ze vormen echter nauwelijks een gevaar voor de mens.